In evenwicht!

    Foto: Kimberly Duchateau Photography

Vorige week schreef ik naast een aantal tips vooral een stukje theorie over het zwaartepunt en waarom dat belangrijk is. De theorie begrijpen is onmisbaar maar uiteindelijk moeten we het toch doen! In de Fair Play blog van deze week geef ik dan ook handige tips om in de praktijk mee aan de slag te gaan en zo het evenwicht van jou en je paard te verbeteren!

Voor wie de blog van vorige week gemist heeft, hier vind je hem terug!

Een korte reminder..

Om het geheugen even op te frissen, het steunvlak en het zwaartepunt zijn belangrijk om in balans te blijven.

Als ruiter bestaat ons steunvlak voornamelijk uit onze beugels en onze zitbeenknobbels. Het zwaartepunt zit achter onze navel. Die drie punten willen we zoveel mogelijk in evenwicht hebben.

Bij het paard bestaat het steunvlak uit zijn hoeven op de grond. Het zwaartepunt zit bij het paard diep achter zijn borst. Ook dat willen we zoveel mogelijk in evenwicht hebben.

Halt!

In het halthouden voel je het meeste. Het steunvlak is over 4 hoeven verdeelt en dus kan het paard en daardoor ook de ruiter makkelijk in evenwicht blijven.

In het halthouden kun je al veel vertellen over het evenwicht en de rechtgerichtheid. Heb jij een paard dat altijd uit zichzelf vierkant en recht stil gaat staan of blijven één of meerdere voetjes achter? Blijft hij in hetzelfde lijntje of gaat hij stiekem naar links of naar rechts als je de overgang van en uit het halthouden maakt?

Als je paard in balans loopt dan kan hij ook in balans halthouden. Denk maar aan turners die een landing maken, is de afsprong goed dan is de landing ook goed. Is er een storing in het evenwicht bij de afsprong dan moet de turner in het landen met zijn voeten een pasje bij zetten om niet te vallen – oftewel het steunvlak terug onder het zwaartepunt brengen.

Om goed vierkant te kunnen halthouden moet je dus werken aan het evenwicht vóór de overgang! Als je het moeilijk vind om te voelen of je paard recht blijft kun je de overgang op de tweede hoefslag rijden.

Checkpoint: Voel je aan twee handen en twee benen hetzelfde of heb je meer druk aan een teugel of been?

Let dan goed op dat je je paard op zijn hoeven laat steunen in plaats van tegen jouw been of teugel. Maak een korte maar duidelijke beenhulp, eventueel met een halve ophouding om je paard weer recht boven de grond te laten bewegen. Als je paard weer op zijn eigen hoeven steunt ontspan je. (Let op: duidelijk betekent niet hetzelfde als grof 😉 )

Soms helpt het ook om te gaan wijken in de richting van het been waar je het minste contact mee voelt.

Evenwicht in de overgang

Impuls is de voorwaartse drang opgewekt en gecontroleerd door de ruiter en heel belangrijk voor balans. Denk maar weer aan fietsen, ga je heel langzaam dan is het moeilijk om in een rechte lijn te gaan maar als je heel hard gaat ook.

Als je de overgang gaat maken en je paard verliest energie steunt hij meer op zijn voorbenen dan zijn achterbenen. Er is dus geen goed evenwicht. Gaat je paard te hard valt zijn gewicht ook voorover. Je wilt dus eigenlijk energie voorwaarts houden terwijl je toch langzamer gaat en dat is ontzettend moeilijk voor zowel paard als ruiter.

Om dat te oefenen zijn schijnovergangen ideaal. Rijd bijvoorbeeld van draf naar stap en probeer op het moment dat je paard echt wilt gaan stappen toch in draf te blijven. Je wilt de energie tussen je kuit en het bit in kunnen houden. Pas als je niet meer hoeft te drijven of remmen en je paard blijft wachten op jouw volgende hulp heb je controle over de impuls. Op dat moment rijd je weer rustig voorwaarts. Wissel dat in verschillende gangen af.

Als dat makkelijk gaat probeer je weer op te letten of je nog recht boven de grond op twee beugels en billen gelijk steunt en of je paard op zijn eigen hoeven steunt of op jouw been/teugel. Kortom, blijft hij in balans op de lijn die jij bedacht had of zoekt hij steun aan jou en help je hem stiekem teveel?

Zijgangen in balans

© Kimberly Duchateau Photography 2017 || alle rechten voorbehouden.

Laatst schreef ik al een blog over het wijken, niet alleen in het wijken maar in alle zijgangen hebben veel ruiters moeite in evenwicht te blijven. Je hebt als ruiter een doel, je wilt opzij en je weet ook waar je uit wilt komen. En omdat je dat zó graag wilt ga je er ook echt voor! Ongemerkt ga jij misschien wel meer opzij dan jouw paard.

“Wie er is begonnen maakt mij helemaal niet uit, het is namelijk toch altijd de ruiter die het op moet lossen!”

Steunt je paard met zijn gewicht meer op zijn buitenbenen en loopt hij dus over de schouder, dan kan het zijn dat je zelf teveel naar buiten hangt en daarmee je paard uit evenwicht haalt. Het kan ook zijn dat je paard gewoon zijn evenwicht is verloren en jij als ruiter teveel naar binnen gaat hangen om dat te compenseren. Soms is het frustrerend als het veel moeite kost of niet meteen lukt en zijn we geneigd om ons paard daar de schuld van te geven, “Ja maar hij…”. Wie er is begonnen maakt mij helemaal niet uit, het is namelijk toch altijd de ruiter die het op moet lossen!

Zorg eerst weer dat je steunvlak weer recht boven de grond is. Niet boven je paard want als die scheef hangt en jij daar recht boven probeert te blijven ga je net zo scheef als je paard. Focus dus op de grond! Neem dan even de tijd om te voelen wat er precies gebeurd. Welke heup voel je meer tegen je bil aan drukken? Tegen welke teugel steunt de schouder?

Er zijn vele wegen naar Rome en dus vele manieren om je paard beter in evenwicht te krijgen. Hieronder geef ik jullie een paar oefeningen die ik zelf fijn vind.

Als een paard vooral op het buitenvoorbeen steunt – en dus “over de schouder loopt” – kan het helpen om het binnenachterbeen naar buiten te rijden. Ik blijf erop hameren maar zorg er eerst voor dat je zelf met beide voeten en billen recht boven de grond zit. Probeer dan de binnenheup van je paard te voelen en die onder je buitenhand door te drijven. Als je daar handig in wordt kun je in stap ook een keertwending om de voorhand rijden! Heel fijn om meer controle, evenwicht, reactie én souplesse te krijgen.

Als je paard meer op het binnenvoorbeen steunt zwaait hij uit met zijn achterhand. Dan kan het helpen om op de volte juist de schouder naar buiten de wijken. Blijf zelf weer recht boven de grond, hou het hoofd tussen de schouders en ontspan je buitenteugel een beetje. Laat je paard maar over de schouder naar buiten lopen.

De derde tip is vooral om je paard leniger te maken en te controleren of hij echt in evenwicht is. Rijd op de tweede hoefslag of volte en vraag eens overdreven stelling, wacht tot je paard en jij daarin weer in evenwicht zijn en maak hem dan weer recht. Wacht tot jullie weer in evenwicht zijn en vanuit daar kun je weer de andere kant op stellen.

Lukt het om je paard in evenwicht te krijgen na een van deze oefeningen, rijd dan eens een paar passen voorwaarts aan twee handen en twee benen, want daar wil je uiteindelijk naar toe!

Heb jij nog leuke tips of ken jij iemand die hier wel wat mee kan, laat een berichtje achter of deel de link, heel veel plezier en succes!!!

Liefs Solvej

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *