Zadelmak maken (deel 4: Veilig opstappen)

Foto: Kimberly Duchateau Photography

Braaf kunnen op- en afstappen vind ik onmisbaar in de opleiding van een paard. Persoonlijk vind ik het heel irritant en gevaarlijk als een paard niet gewoon blijft stilstaan en geduldig wacht tot de ruiter hem in de vooruit zet. In de Fair Play blog van deze week vertel ik hoe wij dat aanpakken in het zadelmak maken.

Voor het opstappen moet het paard volledig gewend zijn aan het grondwerk met vreemde voorwerpen zoals ik vorige week al beschreef, zo heeft het paard al geleerd om goed met spanning en nieuwe indrukken om te gaan. Geïnspireerd door Tristan Tucker en Henriëtte Smits (lees hier mijn blog samen met Henriëtte) gebruik ik het buigen aan de hand om het paard leniger, gehoorzamer en druk voor het been te leren begrijpen. Door het binnenachterbeen onder de massa door te laten plaatsen ontspant het paard gemakkelijker en zal daarom ook minder heftig reageren op de ruiter.

Allereerst wil ik dat het paard zijn hoofd en hals buigt zonder zijn lijf weg te draaien. Ik hou druk op de lijn tot hij ontspannen en gebogen stil blijft staan en haal dan de druk weg. Net als het buigen of sturen onder het zadel (hulp door middel van druk > juiste reactie = druk weg). Natuurlijk wil ik dat links- en rechtsom gewoon goed voor elkaar hebben. Daarna vraag ik buiging in de hals en duw met mijn hand op de plek waar je been normaal ligt het binnenachterbeen onder de massa door richting het buitenvoorbeen als een soort keertwending om de voorhand, ook hier geldt dat ik de druk weghaal als het paard de juiste reactie geeft. Na een paar passen ben ik de eerste keren tevreden, met en met wil ik steeds meer lichaamsgebruik. Doe dit niet te lang en draai links en rechts evenveel, geef het paard tussendoor weer even de tijd om alles te verwerken.

Foto: Kimberly Duchateau Photography
Foto: Kimberly Duchateau Photography

Vanuit het draaien is het relatief makkelijk om steeds meer activiteit te vragen en de wending te vergroten tot je het paard kunt longeren. Aan de longe leer ik het paard stap, draf, galop, halt en omdraaien op de stemhulp en uiteindelijk gebruik ik ook een bijzet zowel met enkele als met dubbele lijn. Zo wennen ze al aan de teugelhulpen. Maar dat is voor in een volgende blog waarbij ik uitleg hoe wij het paard het bit en de hand leren vertrouwen.

Dit buigen, draaien en longeren maak ik samen met de voorwerpen een dagelijkse routine. Door het elke dag even kort te herhalen leert een paard al heel snel wat er van hem verlangt wordt. Paarden zijn gewoonte dieren en als ontspannen op druk een gewoonte wordt heb je daar in het rijden veel profijt van.

Ook leer ik de paarden om op een fluitje naar mij toe te komen, spelenderwijs bij het van de wei halen maar ook aan de longeerlijn wanneer het paard naar mij toe komt fluit ik en geef daarna een beloning (brokjes of even kroelen in de manen, dat waar het paard het meest dol op is). Als ze eenmaal geleerd hebben naar me toe te komen op een fluitje wil ik dat steeds preciezer, ze verwachten de beloning al dus zijn gefocust op mij en doen hun best om die beloning te krijgen. Stapje voor stapje stel ik het uit tot ze hun beloning alleen nog maar krijgen als ze precies naast mij gaan staan zodat ik makkelijk op zou kunnen stappen. Als dat goed bevestigd is doe ik dat vanaf een krukje en leer ze zo om naast het krukje te komen staan.

Ondertussen heb ik er ook de singel al aan toegevoegd, wij beginnen altijd met een zachte longeersingel die ik heel los aansingel. Vervolgens ga ik mijn ritueel gewoon af met singel, alle grondwerk oefeningen die eerder besproken zijn doe ik dan met singel. Zo is het paard bezig met taken waar hij mee heeft geleerd te ontspannen in plaats van hem met al zijn spanning in de steek te laten. Beetje bij beetje tussen de oefeningen door singel ik het paard iets strakker aan maar nooit meer dan hij kan verwerken op dat moment. Na de singel komt het sjabrak met singel en als dat goed gaat leg ik een zadel op, in eerste instantie zonder beugels of de beugels goed vast gemaakt zodat ze niet tegen de buik van het paard klapperen. We willen geen onnodige angst creëren maar juist vertrouwen. Als ook dat goed gaat gaan de beugels los en aangezien ik maar klein ben met mijn 1.59m doe ik ze voor het eerste opstappen iets langer dan normaal zodat ik niet per ongeluk met mijn tenen in de buik kan prikken. Zoals je inmiddels wel verwacht werk ik bij elke volgende stap ook weer alle grondwerk oefeningen af tot alles ontspannen gaat.

Gaan de grondwerk oefeningen en het longeren met zadel en beugels ontspannen fluit ik het paard tussendoor naar me toe, neem buiging in de hals en zet mijn voet in de beugel. Meestal zijn ze door alle voorbereiding al braaf en ontspannen genoeg om er een beetje aan te gaan hangen en met mijn been te zwaaien. In het begin ben ik weer snel tevreden en beloon voor alles wat goed gaat maar ga wel steeds een stap verder en uiteindelijk wil ik zowel links als rechts kunnen opstappen en heel lomp kunnen bewegen want niet iedere ruiter kan even voorzichtig en galant opstappen dus daar moet het paard wel op voorbereid zijn 😉

Eenmaal erop geven we het paard een brokje vanuit de hand zowel aan de linker als aan de rechterkant. Als ruiter zit je voor een groot deel in de blinde hoek van het paard, sommige paarden schrikken als ze in een wending de ruiter ineens zien dus hiermee leer je het paard niet alleen stilstaan na het opstappen maar haal je ook onnodige spanning weg door het buigen.

Volgende week meer over de eerste passen onder de ruiter!

Ps. Nogmaals -en dat kan ik niet vaak genoeg benadrukken- bij een onervaren paard hoort een ervaren ruiter! Oefen dit dus altijd eerst met ervaren paarden en juiste begeleiding! Fouten zijn sneller gemaakt dan gecorrigeerd helaas.. Wij doen dit al vele jaren en leren nog elke dag bij.

Liefs Solvej

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.